De inlichtingen waarop Israël zich baseerde voorafgaand aan een aanval op de Syrische luchtmachtbasis Abu al-Duhur, bleken volgens de Verenigde Staten (VS) onjuist.
Dat heeft de Amerikaanse ambassadeur in Ankara en speciaal gezant voor Syrië en Irak, Tom Barrack, zaterdag verklaard.
Volgens Barrack had Israël informatie ontvangen dat Turkije mogelijk militair materieel naar de verlaten luchtmachtbasis in de Syrische provincie Idlib zou verplaatsen. Israël deelde die informatie vervolgens met Washington. Amerikaanse inlichtingendiensten onderzochten de melding, maar kwamen volgens Barrack tot een andere conclusie.
“Wij hebben onze inlichtingendiensten geraadpleegd en het antwoord dat wij kregen, was dat deze bewering niet waar was”, aldus de Amerikaanse gezant.
Barrack zei niet te weten waarom Israël uiteindelijk tot de aanval besloot. Wel suggereerde hij dat er mogelijk sprake was geweest van een misverstand tussen het Israëlische leger, de inlichtingendienst Mossad en het kantoor van premier Benjamin Netanyahu. Volgens hem waren noch de VS, noch Turkije vooraf op de hoogte gebracht van de aanval.
Barrack omschreef verder dat het Turkse leger sterk, moedig en goed uitgerust is.
Luchtaanval
Israël voerde eerder deze week een luchtaanval uit op de verlaten basis Abu al-Duhur in het noorden van Syrië. Een Syrische functionaris meldde dat acht aanvallen waren uitgevoerd, waarbij onder meer de landingsbaan en een buiten gebruik zijnde constructie in een hangar werden getroffen. Over eventuele slachtoffers werd geen informatie bekendgemaakt. Eerdere berichtgeving over de aanval meldde eveneens materiële schade en geen bevestigde slachtoffers.
De kwestie vergroot de spanningen rond de militaire verhoudingen in Syrië. Israëlische autoriteiten hadden gesteld dat Turkse militairen zich op de basis wilden vestigen en militaire voorzieningen zouden verplaatsen. Turkije heeft ontkend dat er vóór of tijdens de aanval een Turkse militaire delegatie op de basis aanwezig was. Washington werkt inmiddels aan betere afstemming tussen Turkije, Israël en Syrië om nieuwe incidenten en misverstanden te voorkomen.
AA
